Genealogie

Genealogie van de "Rijen-stam"


II.3

Adrianus (Adriaen Stoffels) Stoffels Adriaensen (Haultepen) [1], geboren circa 1565, overleden 1620 te Rijen.

Zoon van Christophorus (Stoffel) Adriaen Peeter Claesen (zie I.1) en Jenneken Bertelmeeus Geerijts.

Gehuwd circa 1600 met -onbekend- [2], geboren circa 1575, overleden 1629 vermoedelijk te Rijen.

Uit dit huwelijk:

1.  Thomas (Thomas Adriaensen) HOUTEPEN (zie III.1).
2.  Christophorus (Stoffel Adriaensen) HOUTEPEN (zie III.4).
3.  Joannes (Joannes Adriani) HOUTEPEN (Houltepen) [3], geboren circa 1600, begraven voor 1630 te Rijen.
4.  Petrus (Peeter Adriaensen) HOUTEPEN (zie III.7).
5.  Maeijken HOUTEPEN [4], gehuwd met Jan Jacopssen CLAM (van Roosendael), begraven op 16-03-1631 te Roosendaal.


[1] Achtergrond informatie bij Adrianus (Adriaen Stoffels) Stoffels Adriaensen (Haultepen):
Op 23 april 1596 koopt Adriaen Stoffel Adriaenssen een zeseneenhalf loopensaet groot stuk land, genaamd het Huisken, dat hij op 24 december van datzelfde jaar wederom verkoopt (GAB V664 f7v en 14). Op 4 januari 1600 staat hij zijn moeder bij bij de cessie aan Jannen Adriaen Peeter Claes van een rente ten bedrage van twaalf karolusgulden per jaar, die de eigenaren van een stede met bijbehorende grond aan de Leegstraat te Rijen aan haar schuldig zijn (SAB V664 f70).
Deze Jan Adriaen Peeter Claes vertegenwoordigd Adriaen en diens broer Peeter, zonen van zijn overleden broer Stoffel Adriaenssen Peeter Claes, op 27 mei 1601 bij de verkoop van een halve bunder bos en wei in de Hooghstraat te Rijen, welk stuk erf mede-eigendom was van hun vader Stoffel Adriaen Peeter Claesen, Jan Adriaen Peeter Claesen zelf, Cornelie Adriaen Cornelissen van Hulten, vrouw van Marcelis Geerits van Deurne, Peter Jan Henricx en Jaspar Jan Henricx en Cornelis Jan Henricx kinderen (SAB V664 f90v).
Op 12 maart 1602 draagt Adriaen Stoffel Adriaenssen aan voormelde Marcelis Geerits van Deurne een bunder wei in de Schaechstraat te Rijen over (SAB V664 f105v).
In 1605 staat hij zijn zus Marie Christoffel Adriaenssen en haar kinderen bij bij de verkoop van een stede in de Kerckstraat en een kavel wei in de Leegstraat te Rijen met drie bunder grond (SAB V664 f137).
Adriaen Stoffel Adriaensen verkrijgt op 7 juni 1605 van de erfgenamen van Alaert Alaert Wouter Dijrnensone en Christijne Jan Claes Aerts (en niet van "mr Jan Tempelaers erfgenaemen" zoals in de nagemelde processtukken staat vermeld) een stede, bestaande uit een huis, een brouwhuis en een schuur, ter grootte van anderhalve bunder, gelegen aan de kerk te Rijen, alsmede een anderhalve bunder grote wei in de Schaechstraat, alsmede een stuk akker, genaamd de Crommen Akker, ter grootte van een bunder (SAB V664 f164). Deze Crommen Acker is belast met de verplichting om aan "den Clooster van Vredenbergh" later het klooster St. Catharinadal te Oosterhout, zogenaamde roggerente te betalen, hetgeen later een aanleiding was voor zijn zoon, Thomas Adriaensen Houtepen, om een proces te beginnen tegen het klooster St. Catharinadal te Oosterhout. Blijkens deze stukken heeft de weduwe Adriaen Stoffels Houtepen deze roggerenten betaald van 1621 tot en met 1628. Hieruit kan afgeleid worden dat Adriaen in 1620 en zijn vrouw in 1629 overleden zijn.
Op 8 mei 1607 verkrijgt Adriaen Stoffel Adriaensen anderhalve bunder bos in Verhoven bij het Raeckeijnde te Gilze, welk kavel hij op 16 maart 1610 ruilt met zijn neef? Adriaen Jan Adriaenssen, molenaar in Gilze, in het kader van een erfmangeling, tegen een bunder bos en erf in de Schaefstraat te Rijen (SAB V664 f175 en V667 f257 en 257v).
Op 6 mei 1608 verkoopt hij zijn onverdeelde helft in anderhalve bunder bos en erf in de Moerstraat te Rijen, waarvan de wederhelft aan zijn neef Jan Adriaen Huibrecht Naes toebehoort; het is mij nog niet duidelijk wanneer deze onverdeeldheid is ontstaan (GAB V664 f198).
De stede met vier bunder grond aan de Heikant te Rijen, die hij op 10 juni 1608 verkrijgt, verkoopt hij vervolgens op 5 januari 1610 (SAB V664 f199v en f237v).
Op 27 januari 1609 draagt hij aan Jan Huijbrecht Rubbens over de onverdeelde helft in een anderhalve buijnder beemd in de Twee Hoeven te Rijen, dat destijds door Jan Adriaen Peeter Claes, zijn oom volgens de vestbrief, in eigendom is verkregen en door diens overlijden aan Adriaen is aanbestorven. Zijn oom Jan is klaarblijkelijk dus overleden zonder achterlating van kinderen of een echtgenote. De andere onverdeelde helft is eigendom van Cornelis en Adriaen Cornelissen van den Corput uit Riel (SAB V664 f211).
De naam Houtepen wordt voor het eerst genoemd in een akte van 26 februari 1613 waarbij Heilken Thomas Cornelis Godertsdochter, weduwe van wijlen Lenaert Henricx, voor zich en haar kinderen aan Franchois Peeter Mathijssone overdraagt een stede, huysinghe, schuere, hovinghe ende erfenisse, elf loopensaet ten Rijen aen de kercke, oistwaert aen Anthonis Lenaert Huijbrechts erve, suijtwaert aen Adriaen Stoffels alias Houtepen erve, westwaert aen 'sheerenstrate ende noortwaert aan Heijliger Huijbrecht van Ghijben erve" (SAB R665 f121v).
Na zijn overlijden worden een aantal kavels grond die door Adriaen dan wel zijn echtgenote in eigendom zijn verkregen door de vier kinderen verdeeld:
op 1 februari 1630 dragen Stoffel, Peeter en Maeijken aan Thomas over hun drie/vierde onverdeeld aandeel in voormelde stede met huis, schuur, kooi en hof, gelegen bij de kerk van Rijen, in totaal vier bunders groot inclusief de crommen acker, alsmede twee lopenzaat zaailand aan de Schouwleij te Rijen (voorheen het Cleijn Ackerken) en anderhalve bunder weiland in de Scharen, zoals dit in een koop door hun vader in 1605 is verkregen (SAB V666 f187);
op 15 april 1631 dragen Christoffel, Peeter en Maeijken vervolgens aan Thomas over, een bunder bos en heide in de Moerstraat te Rijen, drie loopenzaat moerveld op het Laareind te Rijen en een halve bunder hei, genaamd de Krekelhorsten te Rijen (SAB V667 f18). Deze laatste twee kavels zijn voor zover ik kan nagaan niet door Adriaen in eigendom verkregen. Wellicht zijn deze afkomstig van de familie van zijn vrouw.

[2] Achtergrond informatie bij -onbekend-:
Aangezien de weduwe van Adriaens Stoffels Houtepen tot en met 1628 de roggerenten van "de Crommen Acker" te Rijen heeft betaald en dat deze vanaf 1629 door Thomas Adriaensen Houtepen zijn betaald, is zij zeer waarschijnlijk in 1629 overleden.

[3] Achtergrond informatie bij Joannes (Joannes Adriani) HOUTEPEN (Houltepen):
Johannes Adriani Houltepen is op 7 december 1622 getuige bij de doop van Adrianus, zoon van Thomas Adriani Houltepen en Aleidis Johannis de Bie, samen met Adriana Adriani blijkens de Index op de doopboeken Gilze-Rijen, nummer 652 (30/6). Johannes is mogelijk gehuwd met Catharina Janse, aangezien Christofferus (Adriani) Houtepeyn op 28 februari 1624 getuige is bij de doop van Johannes, zoon van Johannes Adriani en Catharina Janse. Na het overlijden van zijn vader Adriaen wordt Johannes echter niet genoemd bij de verdeling van de vestgoederen en evenmin zijn eventuele kinderen (GAB V666 f187). Dit zou erop duiden dat Johannes en zijn eventuele kinderen voor 1 februari 1630 zijn overleden.

[4] Achtergrond informatie bij Maeijken HOUTEPEN:
Uit de hiervoor gemelde vestbrieven van 1 februari 1630 en 15 april 1631, waarbij Stoffel, Peeter en Maeijken, wijlen Adriaen Houtepens zonen en dochter aan hun broer Thomas Adriaen Houtepens zone, hun aandeel overdragen in een stede met omliggende gronden aan de Kerkstraat te Rijen en een aantal kavels heivelden en moervelden blijkt dat Maeijken geassisteert wordt door haar man en voogd Jan Jacopssen Clam ook wel genaamd Jan Jacobs van Roosendael (SAB V666 f187 en SAB V667 f18).
Begraven op het kerkhof "op deurlecht".


../../../uploads/genealogie/rijen/rijen-II3.jpg