Algemeen

De naam Haultepenne


De Berlaymont, heer van Haultepenne
De heerlijkheid Hautepenne kwam vanaf 1409 in het bezit van de familie De Berlaymont. Deze invloedrijke familie uit Namen vormde in de zestiende eeuw een trouwe steun voor het gezag van koning Philips II. Vooral Claude de Berlaymont heeft als legeraanvoerder de Brabantse landen verdedigd tegen de rooftochten, die door onder anderen luitenant-generaal Hohenlohe in opdracht van de Staten-Generaal werden uitgevoerd met als doel om de lakenindustrie en andere handel te vernietigen en zo het katholieke en koningsgezinde zuiden te destabiliseren. Uit diverse boeken en naslagwerken heb ik het navolgende incomplete overzicht gedestilleerd, aangezien er, voorzover ik weet, geen biografie over deze familie verschenen is.

Charles de Berlaymont, graaf van Berlaymont, baron de Hierges, Perwez, Beaurain, heer van Floyon, Haultepenne etc. (1510 - 4 juni 1578), werd op 8 september 1554 benoemd tot stadhouder van Namen, in welk ambt Filips II hem op 12 maart 1556 bevestigde. Bovendien nam de koning hem op in de orde van het Gulden Vlies, op de kapittelvergadering van 28 januari 1556 te Antwerpen. Gedurende de troebelen was hij een trouwe steun van het koninklijk gezag, zowel als lid van de Raad van State als in zijn functie van voorzitter van de Raad van FinanciŽn. Ook maakte hij onder voorzitterschap van Granvelle deel uit van de Raad van Beroerte, ook wel Bloedraad genoemd. De opposanten van het koninklijk gezag beweerden dat hij deel uitmaakte van de zogenaamde Consulta of Achterraad: het drietal personen dat achter de schermen de dienst uitmaakte in het land.

Zijn zoon Gielis van Berlaymont, baron van Hierges, was van 1572 tot 1579 stadhouder van Gelre en koos in 1578 openlijk partij voor de Spaanse koning. Hij trok in 1575 als stadhouder van Holland, Zeeland, Utrecht en Gelre vanuit de Betuwe met meer dan 10.000 man in de richting van Holland en nam op 28 juni het stadje Buren in en verscheen op 19 juli voor de muren van Oudewater. Na een dag schieten met zijn kanonnen slachtte het leger de gehele bevolking af, waarbij vrouwen en kinderen niet werden gespaard. Gilles de Berlaymont sneuvelde in 1585 bij het beleg van Maastricht dat in de periode van 8 maart tot 29 juni plaatsvond onder leiding van voormelde Parma.

Diens broer Claude van Berlaymont, heer van Haultepenne, heeft in dienst van de Spaanse koning Philips II de staatse legers in de Brabantse en Limburgse gewesten bestreden. Het boek "Geschiedenis van Eindhoven, de stad van Kempenland" door L.G.A. Houben maakt melding van het feit dat Eindhoven in december 1577 door staatse troepen onder leiding van Jonkheer van Immerceel was ingenomen en de kerk met een beeldenstorm werd ontheiligd en geplunderd. In datzelfde jaar werd Eindhoven weer bevrijd door een leger onder leiding van Berlaymont. Houben beschrijft voorts in zijn boek hoe Haultepenne in het najaar van 1581 Eindhoven verliest en weer inneemt en in het voorjaar van 1582 de vestingwerken van het stadje rigoureus laat aanpassen.
Haultepenne nam in 1581 tezamen met Maarten Schenk de stad Breda in. De wijze waarop na deze inname werd huisgehouden in Breda stond destijds bekend als "de furie van Haultepenne". Deze inname is beschreven door A.J. van der Aa in zijn boek "Geschiedkundige beschrijving van de stad Breda en hare omstreken" en G.G. van der Hoeven in zijn boek "Geschiedenis der vesting Breda". De eerste maakt melding van een Bredaas spreekwoord: "het gelijkt wel naar de furie van Haultepenne" dat in die tijd is ontstaan en van toepassing zou zijn wanneer er sprake is van een grote toeloop van mensen. Haultepenne was van 1581 tot 1583 gouverneur van de stad Breda. Op 15 juli 1587 sneuvelde Haultepenne toen hij zijn manschappen te hulp schoot bij de schans te Engelen, sedertdien genaamd Crevecoeur.

Van Haultepenne naar Houtepen
Naar alle waarschijnlijkheid is de naam Houtepen aangenomen door een of meerdere soldaten in dienst van deze Haultepenne, dan wel door de oorspronkelijke bewoners gebruikt om zich af te zetten tegen de nieuwe machthebbers. Een andere mogelijkheid is dat een aantal kinderen tijdens een van de veldtochten door huursoldaten van Haultepenne zijn verwekt en daarom diens naam kregen toebedeeld. Harde bewijzen voor de juistheid van een deze stellingen ontbreken echter.

Het gezin van Christophorus Adriaen Peter Claesen uit Rijen heeft naar mijn mening echter de naam aanvankelijk als alias gebruikt om verwarring met een ander gezin, waarvan de vader Christoffel Adriaensen heette, te voorkomen. In de vestbrieven wordt namelijk melding gemaakt van een Adriaentien Christoffel Adriaensen die op 31 januari 1634 van haar broer Jan Christoffel Adriaen Goderszone het een vierde aandeel in een aantal vestgoederen verkrijgt, waarvan de andere twee vierde aandelen aan haar broers Peeter en Adriaen toebehoren (GAB V667 f62). Zij is op dat moment gehuwd met Aerdt Adriaen Stevens van Dun. De naam Houtepen is dan waarschijnlijk gebruikt omdat Christophorus Adriaen Peter Claesen in 1580 of 1581 is overleden, dat wil zeggen in de tijd dat het leger van Haultepenne Breda en de rest van de Baronie teisterde.